Beslissen over het Nieuwe Zandpad

Op donderdag 19 december ging er eindelijk besloten worden over de nieuwe tenderprocedure en randvoorwaarden voor Het Nieuwe Zandpad. Als woordvoerder op het dossier Sekswerk van de grootste coalitiefractie was dit het belangrijkste dossier waar ik in 2019 aan gewerkt heb: van inlezen tot gesprekken met betrokkenen tot coalitieoverleggen, informatiebijeenkomsten, drie lange commissievergaderingen tot uiteindelijk een vier uur durende behandeling in de Raad.

Het Nieuwe Zandpad heeft een nogal pijnlijke geschiedenis. In 2013 besloot de toenmalig burgemeester, Aleid Wolfsen, de vergunningen voor e sekswerkboten langs het Zandpad in te trekken. Het was zijn oordeel dat er onaanvaardbare misstanden waren in de sfeer van mensenhandel en uitbuiting, resultaat: ramen dicht, sekswerkers zonder vergunde werkplek.

Direct aan het begin van mijn termijn als raadslid werd duidelijk dat de pogingen voor het vinden van een ontwikkelaar voor het Nieuwe Zandpad tot dan toe onsuccesvol waren. Er volgde onderzoek en voor de zomer van 2019 eindelijk het voorstel om de ontwikkeling van het Nieuwe Zandpad vlot te trekken.

Met steun van de coalitie was het voorstel zeker van een meerderheid. Maar op Student & Starter na was er bij de oppositie grote twijfel over het voorstel. Partijen die voorheen ontwikkeling van het Nieuwe Zandpad steunden maakten zich grote zorgen over de veiligheid in de omgeving en de bezettingsproblemen bij de politie die tijdens de behandeling van het voorstel naar voren werden gebracht. Zo zouden de VVD en naar later bleek de PvdA het voorstel alleen steunen wanneer er een nachtsluiting op het Nieuwe Zandpad zou komen.

Daarvoor diende de VVD een amendement in om het voorstel te wijzigen. Steun van coalitiepartijen was nodig om dat amendement er door te krijgen. Dus zocht de VVD ook bij ons steun voor haar amendement. Een nachtsluiting, welke gebruikelijk is bij sekswerkerramen in binnensteden, waren we als fractie niet nadrukkelijk tegen noch simpelweg voor. De oorspronkelijke raamboten aan het Zandpad kenden geen nachtsluiting. Omwonenden wilden deze echter wel graag, als het Nieuwe Zandpad er dan toch ging komen. Voor de bezetting van handhavers en politie zou het voordeliger uit kunnen pakken. En de steun van partijen als VVD en PvdA verkleint de kans dat het Nieuwe Zandpad bij coalitieonderhandelingen in 2022 alsnog ter discussie wordt gesteld. Ze hebben nu voor het voorstel gestemd, daar zal zeker GroenLinks (en D66 vast ook) ze aan houden.

Voor sekswerkers die midden in de nacht naar huis moeten en minder kunnen werken of juist meer in minder uren zijn dat natuurlijk geen argumenten om te zeggen: laat die nachtsluiting maar komen. Richting VVD en in de Raad hebben we bij de onderhandeling over het amendement daarom duidelijk gemaakt dat er bij uitvoering van de nachtsluiting maatregelen moeten komen qua vervoer en veiligheid voor de sekswerkers en dat de nachtsluiting de verdiencapaciteit niet onevenredig aantast. De burgemeester gaat het amendement, een nachtsluiting van 3 uur ’s nachts tot 7 uur ’s ochtends, uitvoeren, nadrukkelijk met oog voor de gevolgen voor sekswerkers.

Het is pas na de volgende verkiezingen dat we zeker weten hoe dit uitpakt, maar net als alle andere aspecten van het Nieuwe Zandpad zal ook de nachtsluiting geëvalueerd worden.

Een ander gevoelig punt tijdens de behandeling van het voorstel voor het Nieuwe Zandpad is de registratieplicht voor sekswerkers. Hoewel het college deze van de rechter noch van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) mag uitvoeren, maakt deze wel onderdeel uit van een zogenoemd barrièremodel tegen mensenhandel. Coalitiepartijen hebben afgesproken dit model te handhaven. Maar vooralsnog mag de registratieplicht dus niet uigevoerd worden. Er loopt wel een beroep bij de Raad van State om toch die registratieplicht te mogen uitvoeren. Als GroenLinks zijn we al enige jaren tegen deze registratieplicht, dus we vinden het niet zo erg wanneer rechter, AP en hopelijk de Raad van State het Utrechtse college dwingen haar barrièremodel aan te passen. Het college heeft daarvoor opties in de achterzak die al worden uitgewerkt, daar heb ik in de commissie op aangedrongen. Dat gold ook voor Student & Starter en in de Raad sloot de ChristenUnie zich daar ook openlijk bij aan: niet bij de tegenstand tegen de registratieplicht, maar wel vóór uitwerking van de alternatieven.

Maar daarmee was de discussie over de registratieplicht nog niet klaar. Student & Starter kwam met een motie die het college opriep het hoger beroep bij de Raad van State te staken. Daarnaast riep de motie op prioriteit te geven aan het uitwerken van de alternatieven voor registratieplicht. Het zou in lijn zijn met onze tegenstand tegen de registratieplicht, maar niet in lijn met de afspraken in de coalitie. En als we er van overtuigd zijn dat we gelijk hebben dat een registratieplicht de rechten van sekswerkers schendt, waarom zouden we als fractie dan bang zijn voor de uitspraak van de bestuursrechter?

Het grotere gevaar ligt bij de het wetsvoorstel voor de Wet Regulerings Sekswerk (WRS), die feitelijk onvergunde ongeregistreerde sekswerkers criminaliseert. Die wet is er mogelijk eerder dan de uitspraak van de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Dit voorjaar zal de afdeling advisering van diezelfde Raad van State haar advies over de wet uitbrengen. In 2009 oordeelde die nog negatief over een registratieplicht, dat gaf de GroenLinks Eerste Kamerlid Tineke Strik de munitie een stokje te steken voor dat wetsvoorstel. Hoe het in de huidige Eerste Kamer uitpakt is nog maar de vraag.

Maar terug naar Utrecht. De nieuwe aanpak voor het Nieuwe Zandpad is een duidelijke stap vooruit, in 2022 openen hopelijk de eerste werkplekken. Als politica ben ik heel blij met dat besluit, maar dat is mijn kijk van binnenuit. Ik weet als activist voor transgender rechten (dat ben ik nog altijd naast mijn raadslidmaatschap) heel goed hoe het is om van buiten naar politiek te kijken die over jouw bestaan en rechten besluit. En dan voelt een ‘stap vooruit’ toch ergens teleurstellend als het niet de uitkomst is waar je op hoopte. En een sekswerker die in Utrecht wil werken is waarschijnlijk al jarenlang teleurgesteld.

Dat ik die ervaring van teleurstelling in de politiek ken als activist en trans persoon maakt het misschien wat wrang dat ik anderen in vanuit mijn rol als volksvertegenwoordiger teleurstel. Het is een rare tegenstrijdigheid waar andere volksvertegenwoordigers misschien minder gevoel bij hebben. De kritiek op besluiten van GroenLinks gaan mij daarom niet in de koude kleren zitten. Maar aan het eind van de dag ben ik de volksvertegenwoordiger en mag iedereen een mening hebben over de besluitvorming die ik met mijn fractie neem. Dat houdt mij echter niet tegen om mij in de Raad zo goed en kwaad als dat gaat in de lokale politiek hard te maken voor sekswerkers en de decriminalisering van hun beroep.